zondag 3 december 2017

Manet van Montfrans – Georges Perec, een gebruiksaanwijzing

wel iets geks aan de hand. Lezen over zijn leven en werk verklaart veel over zijn obsessies en de regels die hij zichzelf oplegde. Dit boek van Van Monfrans heet niet voor niets ‘Georges Perec, een gebruiksaanwijzing’.


De ouders van Georges Perec kwamen uit Polen. Zij waren Joods en ontvluchtten na de Eerste Wereldoorlog hun woonplaats in de buurt van Lublin. In Frankrijk waanden zij zich veilig. Georges werd geboren in 1936  en kreeg de Franse nationaliteit. Tijdens de Duitse inval sneuvelde zijn vader. Zijn moeder werd in 1943 tijdens een Parijse razzia opgepakt en naar Auschwitz afgevoerd. Georges was ondergebracht bij familie op het platteland. Als wees groeide hij op bij familie en hij woonde een tijd op een kostschool. Georges werd later geconfronteerd met de Franse bureaucratie. Voor zijn moeder was een acte van vermissing opgesteld. Pas in 1958 werd zij doodverklaard.

Zijn jeugd geeft volop aanknopingspunten voor het begrijpen van zijn latere werk. Vermissing, het ontbreken van iets, de lege ruimte, het is een van de belangrijkste thema’s in zijn boeken. Begin jaren zestig wordt Georges Perec documentalist bij een bekend instituut voor slaaponderzoek. Tot 1978 zal hij hier blijven werken. Slapen en dromen zijn onderwerpen die vaak opduiken in zijn werk.

Perec verdiept zich intensief in auteurs die hij bewondert, zoals Kafka, Proust, Melville en Flaubert. Overal in zijn boeken kom je citaten en aangepaste citaten van hen tegen. Een andere interessante lijn is zijn obsessie met getallen. Van Montfrans laat zien dat veel getallen verwijzen naar bijvoorbeeld belangrijke datums uit zijn persoonlijke leven. Je kunt dit zien als pogingen om zijn autobiografie te schrijven. Explicieter probeerde hij dit in zelfportretten met de titels ‘De leeftijd’ en ‘Plaatsen waar ik heb geslapen’. Hij slaagde hier niet in.

Het contact met het genootschap Oulipo was voor hem een bevrijding. Oulipianen stellen zichzelf strikte eisen aan teksten op basis van mathematische modellen. Het genootschap kende ook wiskundigen onder haar leden. Een voorbeeld van een tekst van Perec die hieruit ontstond is ‘La Disparition, vertaald als ‘t Manco, een roman waarin de letter e ontbreekt.

Perec houdt van dit soort uitdagingen, maar slaagt er ook in zich niet aan de zelf opgelegde regels te houden. Zijn bekendste boek ‘Het leven een gebruiksaanwijzing’ is een beschrijving van 99 kamers in een groot huis. Alle voorwerpen worden nauwkeurig beschreven, de volgorde van de kamers ligt vast. Het hele boek is doordrongen van strikte regels en series getallen. Toch ontbreekt er een kamer, de lege ruimte. Het voert te ver dit in detail uit te leggen, maar erover lezen in deze gebruiksaanwijzing voegt veel toe aan het lezen van Perecs werk zelf.

Perec combineert in boeken als ‘W of de jeugdherinnering’ pijnlijke autobiografisch verhalen met fantastische beschrijving van niet bestaande werelden. Dit kun je interpreteren als zijn manier om om te gaan met zijn verleden. Het boek wordt door Van Montfrans beschouwt als een sleuteltekst in het werk van Perec. De leegte, vervalsing, het geheugen en het goochelen met getallen komen erin voor.

De W in de titel verwijst naar allerlei andere letters en tekens. De uitspraak van zijn eigen achternaam heeft er waarschijnlijk voor gezorgd dat hij niet als Jood werd gezien. Van Montfrans schrijft hierover. “Perec is ervan doordrongen dat in bepaalde perioden van de geschiedenis het lot de vorm van een alfabet aanneemt: het minuscule verschil tussen de spelling en de uitspraak van een naam kan van levensbelang zijn.”


Als liefhebber van het werk van Georges Perec is het bijzonder boeiend om deze achtergronden te lezen. Een volgend project is het lezen van de vuistdikke biografie die David Bellos schreef over Georges Perec.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten